Prive prostitutie neuken met een slappe lul

prive prostitutie neuken met een slappe lul

Moll en Hirschfield waren ook rivalen bij het organiseren van de eerste internationale seksuologische congressen.

Dit incident was een einde van de bloeiperiode van de seksuologie. De conclusies na de eerste bloeiperiode zijn: De wederopbouw van de seksuologie na de Tweede Wereldoorlog Toen na de tweede wereldoorlog de seksuologie langzaamaan weer op gang kwam werd de leidende positie overgenomen door de Amerikanen. Bovendien kwam de aandacht voor de seksuologie niet langer alleen uit de medische hoek, maar ook biologen, psychologen en sociologen beoefenden de seksuologie.

Er was sprake van een interdisciplinaire uitbreiding. Kinsey heeft een grootschalig seksueel onderzoek uitgevoerd. Hij interviewde mannen en vrouwen over hun seksuele levensloop. De resultaten werden baanbrekend: Deze studies schokten de bevolking omdat haar feitelijke seksgedrag anders bleek te zijn dan wat zij zichzelf normatief wilde doen geloven.

De visie van Kinsey studies op het abnormaliteitsvraagstuk was radicaal anders dan de tot dan toe dominante visie in de seksuologie en in de samenleving. Kinsey studies wezen erop dat deze beoordeling voornamelijk gebaseerd was op morele argumenten en niet op empirische bewijzen.

De Kinsey schaal is een aspect van deze studies dat vernieuwd is. In publiceerde psycholoog Frank Beach zijn boek Hormones and behavior. Hij kan hiermee worden beschouwd als de grondlegger van de gedragsendocrinologie, de wetenschap die bij dier en mens de samenhang bestudeert van hormonen en seksueel gedrag.

Een derde invloedrijke naoorlogse figuur is de psycholoog John Money. Hij initieerde aan het eind van de jaren veertig en het begin van de jaren vijftig een baanbrekende reeks klinisch empirische studies naar de ontwikkeling van genderidentiteit bij kinderen met intersekseproblematiek. Hij was ook degene die samen met collega Joan en Hampson het begrip gender introduceerde en dit begrip werd hiermee direct een belangrijk onderzoeksonderwerp van de seksuologie, door de integratie van biologische, psychologische en sociologische factoren in een theorie over de ontwikkeling van genderidentiteit en genderrol.

Gender werd toendertijd gedefinieerd als: Het centrale concept in hun werk is de de seksuele responscyclus die de reactie van de mens op seksuele prikkels weergeeft. Er zijn vier fasen: Deze reactiewijze beschouwen ze als een natuurlijk fysiologisch proces, dat echter door psychologische inhibities verstoord of geblokkeerd kan worden. In het eerste boek werd verslag gedaan van de fysiologische reacties en de variabiliteit daarin van de mens tijdens seksueel gedrag.

Met hun onderzoek, observeren van vrijende mensen, legden zij de basis voor een nieuwe gedragstherapeutische benadering van seksuele disfuncties: Deze opdrachten omvatten drie stappen: Zonder partner kon je niet in therapie.

Deze therapie had zeer hoge succespercentages, zowel op korte als op lange termijn. Zij heeft ook onderscheid gemaakt tussen het nabije en verre oorzaken van seksuele disfuncties. Nabije oorzaken worden door Kaplan omschreven als factoren die binnen de seksuele interactie zelf het seksuele functioneren belemmeren. Bijvoorbeeld een gebrek aan kennis, ontbrekende vaardigheden. Verre oorzaken zijn oorzaken die gelegen zijn in een psychopathologisch verlopen ontwikkeling of in partnerrelationele problematiek, waardoor mensen niet toe kunnen komen aan plezierig en bevredigend vrijen.

Lonnie Barbach ontwikkelde groepstherapieen voor vrouwen en een zelfhulpprogramma voor vrouwen met orgasmeproblematiek. Vrouwen werden zonder partner in behandeling genomen. Zilbergeld ontwikkelde gelijkaardige groepen voor mannen.

In besliste de APA dat homoseksualiteit niet langer een mental disorder was. De beslissing was een belangrijk sleutelmoment in de geschiedenis van de seksuologie. Voortplanting was niet langer de norm, het gaat om seks tussen instemmende partners. Hoewel ze de biologische en evolutionaire grondslagen van seksualiteit erkennen, verwierpen ze het idee van het seksuele instinct van Freud. Zij gaan er vanuit dat seksueel gedrag een vorm van sociaal rol gedrag is en dat dit tot stand komt door cultureel bepaalde scripts.

Een script wordt gedefinieerd als een scenario dat een situatie als seksueel definieert, dat de actoren benoemt, hun rollen voorschrijft en een verhaallijn bepaalt. Aan een script onderscheiden Gagnon en Simon twee dimensies: Kortom, seksueel gedrag is niet de uiting van een vastliggend seksueel instinct, maar is sociaal gemaakte betekenisgeving aan biologische opwindings mogelijkheden.

Kort na het boek van Gagnon en Simon zijn er vier invloedrijke boeken gepubliceerd: Dat product wordt tot stand gebracht en gereguleerd door maatschappelijke macht en de dreiging met seksueel geweld.

Brownmillers boek brak met de tot dan toe gangbare visie dat verkrachting van vrouwen slechts gepleegd zou worden door enkele zieke, gestoorde mannen en verdedigde de stelling dat de dreiging met verkrachting een sociale strategie was, die door de dominante mannencultuur gebruikt werd om vrouwen zich te laten schikken in hun sociaal minderwaardige positie.

Foucault stelde machtsmechanismen centraal; hij betoogde dat het seksuele binnen een samenleving gemaakt wordt door de machtsverdeling die bepaald welke verhalen dominant zijn en hoe deze verhalen het gedrag van mensen reguleren.

Seksuele deviantie is een consequentie van de specifieke sociale regels die binnen een samenleving bepalen wat normaal of abnormaal is.

De publicatie van Hite is gebaseerd op een onderzoek naar seksualiteit dat zij bij vrouwen uitvoerde. Zij vond onder andere dat het niet wenselijk is om een gelijktijdig orgasme tijdens de geslachtsgemeenschap na te streven, omdat maar 1 op de 3 vrouwen klaarkomt tijdens de coitus.

Momenteel zijn ze misschien wel de invloedrijkste benadering van seksualiteit. Biomedische ontwikkelingen hebben vooral sinds het begin van de jaren tachtig een gestage opgang gemaakt, met als belangrijke toepassingen: Viagra is op de markt gekomen.

Het is niet meer denkbaar dat seksualiteit niet in sterke mate biologisch beinvloed op zelfs bepaald wordt. Biomedische interventies voor behandeling van seksuele problemen verdienen de ruimte. Seksuologie tussen is een pendelbeweging geweest van visies die vooral sociale dimensies van seksualiteit beklemtonen naar visies die vooral biologische en biomedische dimensies van seksualiteit benadrukken.

Haar doelstelling was het bevorderen van interdisciplinair seksuologisch onderzoek vanuit een biopsychosociaal perspectief. In startte een nieuw wetenschappelijk tijdschrift.

In stelde Zucker, als hoofdredacteur van de Archives of sexual behavior, een lijst samen met 78 seksuologische tijdschriften. Lehfelt had als initiatief in de organisatie van een World Congress of Sexology, dat om de twee jaar gehouden werd. In wordt de World association for Sexology opgericht, deze associatie heeft zich als doelen gesteld om de seksuele gezondheid over de hele wereld te bevorderen en gedurende de hele levensloop. Dit proberen ze te bewerkstelligen door het ontwikkelen, bevorderen en steunen van de seksuele rechten en de seksuologie.

De seksuologie in Nederland Voor Nederland was voornamelijk de Duitse seksuologische literatuur van belang in het begin van de 20e eeuuw. De gynaecoloog Theodoor van de Velde is de bekendste Nederlander van dat moment op het gebied van de menselijke seksualiteit, met zijn boek het volkomen huwelijk. In zijn boek geeft hij uitvoerig biologische, medische en psychologische informatie over het seksueel functioneren van man en vrouw.

Zijn boek is bedoeld om mensen een positief beeld van seks te geven, om mensen van seks te laten genieten in plaats van er onder te lijden. Zijn visie dat mensen vooral moeten genieten van seks was op zijn zachts gezegd zeer progressief voor die tijd. De twee medici Premsela en Emde Boas vielen ook op door hun progressieve standpunten betreffende seksuele zaken en geboorteregeling.

Premsela was een pleitbezorger voor de seksuologie als medisch specialisme. Van Emde Boas was invloedrijk met zijn vierdimensionale conceptualisatie van seksualiteit. Hij onderscheidde de procreatieve functie, de lustdimensie, de relatione dimensie en de institutionele dimensie. Gezonde seksualiteit vereiste zijns inziens een integratie van deze vier dimensies. Verder was Van Emde Boas een pleitbezorger van de ars amandi, de kunst van liefhebben.

In de oorlogsjaren en de jaren daarna de wederopbouw lag de ontwikkeling van de seksuologie logischerwijs plat. De ideeën van de Vlaamse Van Ussel pasten goed in de tijd van de emancipatie, de pil en de vrije liefde. Het bewerkstelligen van maatschappelijke veranderingen zodat individuen hun recht op een eigen seksualiteitsbeleving kunnen vormgeven.

Het proefschrift van Van Ussel bracht in kaart hoe de westerse samenleving seksualiteit door de eeuwen heen had bejegend en welke maatschappelijke veranderingen samenhingen met een andere vormgeving van seksualiteit. Van een anti seksuele samenleving in de tweede helft van de 16e eeuw werd de westerse samenleving een proseksuele samenleving in de 20e eeuw ten gevolge van socio-economische ontwikkelingen.

Een voorbeeld is de ontwikkeling van masturbatie, die werd gemedicaliseerd als een te bestrijden ziekte, naar een positieve acceptatie van masturbatie, die ook therapeutisch zeer goed bruikbaar is. Rond ontstond een enorme opleving in de Nederlandse seksuologie. De seksuologie verbreedde zich naar onder andere seksproblemen binnen relaties, naar lust en plezier, naar vrouwenemancipatie, naar vrouw-man verschillen en hoe daar progressief mee omgegaan kon worden.

De nadruk werd vooral gelegd op de invloed die maatschappelijke en sociale determinanten op seksueel gedrag had, een leertheoretische benadering. Het NSSO gaat uit van symbolisch interactionistische en sociologische ideen. Naast de onderzoeksmatige uitbreiding van de seksuologie vond er ook een onderwijskundige uitbreiding plaats.

Er was veel aandacht voor attitude vorming in de colleges aan verschillende medische, sociale en psychologische faculteiten. De NVSH voorzag haar leden van anticonceptie middelen, gaf een veelgelezen maandblad uit en had eind jaren zestig meer dan tweehonderdduizend leden.

De druk bezochte consultatiebureaus voor huwelijks- en geslachtsleven, die in werden losgekoppeld van de NVSH en als de onafhankelijke dr. J Rutgers stichting verder gingen. In werd dit Rutgers Nisso groep. Herman Musaph was de tweede Nederlandse hoogleraar. Een belangrijke mijlpaal in de levensloop van de seksuologie is het verschijnen van het boek handbook of sexologoy van Money en Musaph.

Er kwamen nieuwe onderzoeksontwerpen naar voren zoals neuro anatomische grondslagen van seksualiteit en gender en biomedisch onderzoek naar seksuele disfuncties en hormonale determinanten van transseksualiteit.

Homoseksualiteit en seksueel geweld worden ook onderwerpen van de seksuologie. Doelstellingen zijn het stimuleren van interdisciplinaire samenwerking en het waarborgen en bevorderen van de kwaliteit van seksuologie. De vereniging wilde een ontmoetingsplaats zijn voor het uitwisselen van kennis en ervaring in nationaal en internationaal verband.

Wel is zij geslaagd in het waarborgen van de kwaliteit van de seksuologie door middel van het opzetten van postdoctorale basisopleidingen seksuologie en door het opstellen van een tuchtreglement en een beroepsregelement. Sinds zijn er twee andere seksuologische verenigingen in Nederland namelijk de wetenschappelijke vereniging voor seksuele disfuncties en de vereniging voor forensische seksuologie.

Het is nog onduidelijk of de verschillende seksuologische verengingen hebben geleid tot een betere Nederlandse seksuologie met een sterkere academische en maatschappelijke positie. Het tvs blijft nauw gelieerd aan de Nederlandse en Vlaamse verenigingen voor seksuologie: Met de toenemende bio medicalisering aan het einde van de 20e eeuw is de invloed van urologen, gynaecologen en biomedisch georiënteerde psychiaters sterk toegenomen. Wat precies deze wisselende invloed bepaald is niet onderzocht, al vermoeden we dat de maatschappelijke positie van een bepaalde beroepsgroep en de dominante seksuologische visie belangrijke determinanten zijn.

Sinds is de invloed van de psycholoog-hulpverlener echter afgenomen. Mogelijke redenen hiervoor zijn: Methodologisch sterke studies naar de effectiviteit van psychologische interventies bij seksuele problemen zijn schaars.

De her medicalisering en de farmocologisering van de seksuologie hebben ertoe geleid dat er steeds meer ruimte kwam voor biomedische seksuele hulpverlening door huisartsen, gynaecologen, urologen en psychiaters. De westerse samenleving accepteert aan het einde van de 20e eeuw makkelijker biomedische dan psychologische interventies en stelt daar veel meer financiële middelen voor beschikbaar 4. Lag aanvankelijk de nadruk op voorlichting en vorming, allengs kwam de seksuologische hulpverlening aan patiënten meer aan bod.

Maatschappelijke veranderingen en wijzigingen in opvattingen hadden hier zeker mee te maken. De komst van de anticonceptiepil koppelde seks los van voortplanting en zo konden mensen bewust kiezen voor het krijgen van kinderen. In het voorschrijven van de anticonceptiepil speelt de huisarts dus ook de rol van adviseur en voorlichter. Toch vinden huisartsen het vaak lastig om om te gaan met patiënten met seksuele problemen.

Vaak zijn seksuele problemen ook niet zo gemakkelijk te verhelpen omdat er vaak nog veel meer relationele, levensbeschouwelijke en culturele factoren een rol spelen bij het probleem. Hierdoor schoven huisartsen deze problematiek vaak door naar anderen. De huisarts konden hun eigen vak uitoefenen bij de hulpverlening aan mensen met seksuele problemen: Ook voor vrouwen zijn farmacotherapeutische behandelmethoden ontwikkeld, maar die zijn minder succesvol dan die voor mannen.

De oorzaak hiervan is nog niet achterhaald. Maar er moet wel worden bedacht dat een seksuele disfunctie meestal samenhangt met relatieproblemen of psychische co morbiditeit en dit wordt niet opgelost door medische interventies, zoals de pil of een zalfje. De Gentse traditie is gebaseerd op ideeën van Van Ussel en Kruithof. De kern van deze traditie bestaat uit emancipatie en een sociogenetische visie seksuele problemen hebben hun oorsprong in maatschappelijke condities, deze zorgen voor de belemmering in de seksuele ontwikkeling en ontplooiing.

De traditie hield zo ongeveer op tegen de tijd dat Van Ussel naar Nederland vertrok. De Leuvense traditie is opgericht vanuit een levensbeschouwelijke achtergrond, Suenens een kardinaal was een van de grondleggers van deze traditie. Aan de Leuvense universiteit werd een doctoraat seksuologie aangeboden, omdat de overtuiging was dat het nodig was seksualiteit grondig wetenschappelijk te onderzoeken.

De Leuvense traditie richtte zich voornamelijk op een behandeling van seksuele disfuncties binnen een relatie en anti conceptie. Deze traditie kiest voor een hermeneutische methodologie. In Antwerpen wordt in het universiteit forensisch centrum onderzoek gedaan naar seksueel geweld en de behandeling van daders van seksueel geweld. De geschiedenis van de seksuologie: Vanuit theoretisch oogpunt kan worden vastgesteld dat soms de nadruk gelegd wordt op seksualiteit als biomedisch en biologisch fenomeen en dan weer accent gelegd wordt op seksualiteit als sociaal en maatschappelijk product.

Methodisch gesproken bestaat er een spanning tussen diegenen die de voorkeur geven aan een narratieve methodologie. En wat de normativiteit gaat het vooral om twee fundamentele kwesties: Seksuologie wordt door de westerse wetenschap gedomineerd. De relatie tussen de seksuologie en de samenleving is automatisch.

In de periode van heeft de Nederlandse seksuologie een bloei doorgemaakt. Dit is te danken aan 4 facetten: Het seksuologisch toepassen van toetsbare theorieën die invloedrijk zijn in de basisdisciplines. Een sterke nadruk op een empirische methodologie en onderzoek. Een pragmatische insteek waarbij de seksuele problemen opgelost dienen te worden door op hun effectiviteit getoetste interventies.

Een sekspositieve waardering, waarbij de seksuologie een positieve bijdrage aan de kwaliteit van leven levert e meent dat individuele en maatschappelijke belemmeringen op het recht op pro sociale zelfbepaling opgeruimd dienen te worden.

Wetenschappelijk onderzoek naar seksualiteit Inleiding In de 19e eeuw werd het eerste wetenschappelijke onderzoek naar de menselijke seksualiteit uitgevoerd. Hij richtte zich vooral op de levenservaringen en subjectieve belevingen van zijn patiënten. Decennia lang speelden medici de belangrijkste rol in seksuologisch onderzoek. Oordelen over seksuele gedragingen als slecht of goed, zondig of niet-zondig werden vervangen door termen die pasten binnen het medische model.

Seksueel gedrag werd nu vooral geëvalueerd in termen van ziekte en gezondheid. Desalniettemin hadden veel theorieën als doel het rechtvaardigen van morele regels. Vanwege de verschillende functies die seks kan vervullen is het tot nu toe onmogelijk gebleken om een theorie te ontwikkelen die alle fenomenen overkoepelt.

Alle verschillende studies die zich bezig houden met seksualiteit, onderzoeken alleemaal hun eigen onderdeel van de seksualiteit. Biologen richten zich op de anatomie en fysiologie van seksualiteit, sociologen bestuderen de sociale omstandigheden en interpersoonlijke dynamiek van seksualiteit, antropologen kijken naar de culturele context en de expressie van seksualiteit en psychologen richten zich op de manier waarop we seksuele informatie verwerken, op de rol van emoties en cognities daarbij en onderzoeken hoe persoonlijke leerervaringen, opvattingen en waarden uiteindelijk vorm krijgen in de seksuele identiteit en seksuele oriëntatie.

De externe validiteit verwijst naar de mate waarin de resultaten gegeneraliseerd kunnen worden naar andere onderzoekspopulaties. De interne validiteit is de mate waarin we kunnen vertrouwen op de onderzoeksresultaten. Betrouwbaarheid handelt met de verschillen tussen de geobserveerde waarde en de echte waarde, hoe kleiner dit verschil, hoe betrouwbaarder het onderzoek. Een belangrijke beperking van seksuologisch onderzoek is dat seks een gevoelig onderwerp is voor veel mensen.

Bij een binnengroepsvergelijking dient iedere proefpersoon als zijn eigen controle. Seksuologische theorieën en onderzoek Volgens de posivistische wetenschapsopvatting is het doel van een wetenschappelijke theorie om met behulp van een afgebakende verzameling concepten een bepaald fenomeen te verklaren. De meeste recente stroming die de positivistische wetenschapsopvatting bekritiseerd is het post modernisme.

Het postmodernisme gaat uit van het feit dat alle gegevens worden beïnvloed door de visie van de onderzoeker. De laatste jaren is de tegenstelling tussen het positivisme en het post modernisme geculmineerd in een conflict tussen de essentialisten en sociaal-constructionisten. Binnen de seksuologie zijn er niet echt theorieën, maar meer conceptuele raamwerken.

Een conceptueel raamwerk kan worden gezien als een aantal definities van concepten waar veel overeenstemming over is, maar waarvan nog niet systematisch is vastgelegd hoe die concepten zich tot elkaar verhouden.

Moderne essentialistische theorieën gaan ervan uit dat bepaalde verschijnselen natuurlijk, onvermijdelijk en universeel zijn, en vaak ook dat ze biologisch bepaald zijn.

Experimentele methoden zijn hiervoor bij uitstek geschikt, bijvoorbeeld onderzoek in farmacologische, chemische en psychologische laboratoria. Taal is van belang bij het ordenen van onze waarnemingen en voor het delen van ervaringen met anderen.

Biologie is zeker van belang, maar is niet alles bepalend. Een bekend voorbeeld van een sociaal constructionistische theorie van seksualiteit is de scripttheorie. De theorie maakt veel gebruik van interviews, zelfrapportage instrumenten en inhoudsanalyses. Het biopsychosociale model staat tussen de ideeën van de essentialisten en de sociaal constructionisten in. Er is een meervoudige bepaling. Klinisch onderzoek Onder klinisch onderzoek verstaan we het onderzoek naar de seksualiteit van personen waarop de klinische seksuologische praktijkvoering zich richt.

Het richt zich op mensen met een seksueel probleem. Het doel van een dergelijk onderzoek is het verwerven van kennis en toepassen van deze kennis. De fasen van het kennisontwikkelingsproces zijn: In descriptief onderzoek worden fenomenen beschreven die belangrijk zijn voor verder onderzoek. Het kan hierbij zowel gaan om de beschrijving van een enkel geval idiografische descriptie als om de beschrijving van algemene wetmatigheden nomothetisch onderzoek.

Descriptief onderzoek geniet niet altijd een hoge reputatie, maar toch is het een onmisbare fase, omdat het essentieel is duidelijk te definiëren waar je onderzoek naar doet. Exploratief onderzoek, waarbij het zoeken naar feiten en samenhangen in de onderzoeksmaterie deels wordt geleid door verwachtingen en voorkennis op basis van casuïstiek en ander descriptief onderzoek.

Dit onderzoek heeft als doel om bij te dragen aan het ontwikkelen van toetsbare hypothesen. Om resultaten van exploratief onderzoek serieus te neme is nauwkeurige, gerichte replicatie noodzakelijk.

Veel van het werk binnen de epidemiologie heeft de vorm van exploratief onderzoek. Het doel daarvan is het vaststellen van de frequentie van voorkomen van verschijnselen, de verspreiding ervan binnen bevolkingsgroepen, leeftijdscategorieën of het gelijktijdig voorkomen van verschillende verschijnselen. Prevalentie en incidentie onderzoek zijn voorbeelden van exploratief onderzoek.

Exploratief onderzoek maakt meestal gebruik van de observationele methode. Een andere vorm van exploratief onderzoek is explorerend factoranalytisch onderzoek, hierin ligt de nadruk op de statistische waarden die voortkomen uit een onderzoek. De laatste jaren ligt de nadruk met name op de evidence based benadering. Deze benadering probeert hulp te bieden aan de hand van de meest recente stand van zaken binnen het wetenschappelijk onderzoek hier gaat het meestal over experimenteel klinisch onderzoek waarbij gebruik wordt gemaakt van een klinische steekproef, waarbinnen men vaststelt wat het effect is van een interventie op de afhankelijke variabelen.

Van verschillende vergelijkbare studies kan in tweede instantie een samenvattende analyse worden gemaakt meta analyse. In een meta analyse kunnen de resultaten uit verschillende onderzoeken worden samengevat, op deze manier kan het gevonden resultaat beter bestudeerd worden. Er is maar weinig kwalitatief en methodologisch hoogstaand onderzoek verricht naar de psychologische invloeden op seksueel functioneren. Het is onwaarschijnlijk dat er een psychologische placebo behandeling kan worden ontwikkeld waardoor het altijd de vraag blijft of de proefpersoon verbeterd is door de interventie of door spontaan herstel of door het krijgen van aandacht.

Er wordt binnen experimenteel klinisch onderzoek vaak gebruik gemaakt van voor-en nametingen. Toepassingsgericht onderzoek in de klinische setting kan onder meer tot doel hebben om theoretische bevindingen in levensechte situaties te repliceren.

Hierbij wordt dus een andere onderzoeksgroep gebruikt en de omstandigheden zijn vaak genuanceerder. Het voordeel van klinisch onderzoek is de hoge ecologische validiteit omdat de omstandigheden waaronder het onderzoek wordt uitgevoerd sterk lijken op de omstandigheden in de dagelijkse klinische praktijk, en hiermee neemt de externe validiteit, de generaliseerbaarheid, toe.

Klinisch onderzoek heeft ook de nodige nadelen, voor zowel de interne als de externe validiteit. Proefpersonen kunnen een duidelijke voorkeur hebben voor een bepaalde behandeling, die dan niet zomaar geweigerd kan worden, want dit kan een negatieve invloed hebben op de motivatie van de proefpersoon. Na een voormeting kan dit een reactie oproepen bij de deelnemers, er kan een leereffect ontstaan Valkuilen externe validiteit: Er is sprake van contaminatiemogelijkheden, maar een nadeel is dat de effecten dan niet altijd van elkaar te onderscheiden zijn.

In een klinische setting is een strikt experimentele opzet eigenlijk nooit mogelijk. Klinisch onderzoek is beperkt in zijn verklarende kracht. Observationeel onderzoek bij observationeel onderzoek worden verschijnselen in hun natuurlijke omgeving bestudeerd.

Seksualiteit heeft veel verschillende natuurlijke omgevingen. De kern van observationeel onderzoek is dat de onderzoeker niet intervenieert, de metingen worden verricht zonder dat er interventies of andere manipulatie, door de onderzoeker uitgevoerd, van invloed kunnen zijn op de variabelen.

Je hebt zowel enkelvoudige designs, als complexe designs. Doordat er geen interventie of manipulatie plaatsvindt, kan er geen uitspraak worden gedaan over de causaliteit. Je kunt wel stellen dat er een samenhang is tussen twee variabelen, maar niet in welke richting dit verband is.

Door zijn onderzoekspersonen nauwkeurig te selecteren kan de onderzoeker de contaminerende variabelen enigszins controleren. Observationeel onderzoek in engere zin is onderzoek door directe observatie. Longitudinaal onderzoek kan zowel observationeel onderzoek langere tijd iemand volgen zijn als interventie onderzoek. In longitudinaal onderzoek worden dezelfde kenmerken bij dezelfde proefpersonen over verloop van tijd telkens weer gemeten.

Observationeel onderzoek is om praktische, logistieke of ethische redenen soms eenvoudiger te realiseren dan experimenteel onderzoek. Longitudinaal onderzoek heeft voordelen voor de interne validiteit omdat de samenhang op meer dan 1 punt in de tijd wordt gemeten.

Het nadeel van observationeel onderzoek: Een ander belangrijk nadeel is dat het voor kan komen dat de onafhankelijke variabelen in zijn geheel niet optreden tijdens het observationele onderzoek, waardoor de onderzoeksopzet mislukt. Onderzoek met behulp van zelfrapportage tot 3. Zelfrapportage instrumenten kunnen langs diverse dimensies gegroepeerd en onderscheiden worden. Zo zijn er specifieke en globale instrumenten, die respectievelijk over gevoelens en ervaringen rapporteren die scherp gedefinieerd zijn in tijd en plaats, of over heel globale kenmerken van zichzelf.

Instrumenten kunnen handelen over voor andere observeerbare gedragingen of kenmerken of over volledig innerlijke, niet observeerbare verschijnselen. Zelfrapportages kunnen naar stabiele kenmerken van de respondent vragen of juist naar verschijnselen van voorbijgaande aard.

Op de vierde plaats kunnen instrumenten verschillen in de mate waarin het doel voor de respondent direct duidelijk is of waarin het doel met opzet verborgen wordt gehouden. Zelfrapportages kunnen variëren in de breedte van het onderzochte verschijnsel.

Het kan gaan om een enkel gevoel, attitude of gedachte of om een complexe inventarisatie van verschillende aspecten van seksualiteit. Tenslotte kunnen er verschillende vraagvormen worden gebruikt. Veel seksuele verschijnselen zijn moeilijk direct observeerbaar. Veel kenmerken, zoals gevoel van seksuele opwinding, aantrekkingskracht, aversie, parafiele voorkeuren zijn slechts kenbaar voor de persoon zelf.

Het gaat hierbij om hypothetische constructen en de antwoorden op een vragenlijst of test kunnen indicatoren zijn voor een dergelijk construct. De meetfout is het verschil tussen de testscore en de werkelijke score. Bij willekeurige meetfouten schort het aan de betrouwbaarheid, nauwkeurigheid, van een vragenlijst. Bij bias meet het instrument niet wat men er graag mee zou willen meten, maar is er sprake van systematische vertekening.

Voordat vragenlijsten in de klinische praktijk kunnen worden gebruikt is het belangrijk dat dat de psychometrische kwaliteit van de vragenlijsten is onderzocht. Er zijn een aantal manieren om de betrouwbaarheid van een vragenlijst te onderzoeken: Herhaalbaarheid over verschillende parralel vormen van het instrument. Van sommige vragenlijsten zijn meerdere versies gemaakt, onder meer om leereffecten door herhaalde afname tegen te gaan. Herhaalbaarheid in de tijd test-herstest betrouwbaarheid.

Het gaat hierbij om, dat de score die een persoon haalt op een test op tijdstip A niet significant verschilt van de score van tijdstip B. Herhaalbaarheid bij verschillende beoordelaars die met het instrument werken. De beoordeling van een vragenlijst van verschillende beoordelaars mogen niet significant van elkaar verschillen.

Bij interviews is deze invloed groter dan bij vragenlijsten. Herhaalbaarheid van de metingen voor wat betreft de verschillende onderdelen vragen van een instrument interne consistentie. Hier gaat het om de mate waarin de verschillende vragen in de test hetzelfde construct meten. Er zijn verschillende manieren om de validiteit van een test te onderzoeken: De inhoudsvaliditeit laat zien hoe goed de test een afspiegeling is van de verschillende facetten van het beoogde construct.

Omdat er geen objectieve methode is om de inhoudsvaliditeit te toetsen wordt er gestreefd naar consensus tussen vakgenoten. Een belangrijk aspect is de algemene bruikbaarheid van een test. Criteriumvaliditeit meet de mate waarin de geobserveerde score overeenkomt met de werkelijke score.

Dit wordt gedaan door het vergelijken van de scores op de test met de uitkomsten van andere methodes die hetzelfde construct meten. De constructvaliditeit zegt iets over de mate waarin de test het beoogde construct meet. Dit kun je onderzoeken door de resultaten te vergelijken met andere tests die hetzelfde construct beogen te meten.

Dit kan ook door ze te vergelijken met resultaten van tests die andere constructen meten om te zien of er overlap is, om zo te controleren of de test niet toch een ander construct meet. Het is de bedoeling dat de correlatie met tests die hetzelfde construct meten hoog is en de correlatie met tests die andere constructen meten laag is. De correlatie moet ook niet te hoog zijn, omdat de test dan overbodig is. Een vragenlijst of interview vraagt behalve de energie en tijd, slechts beperkte investeringen in geld, tijd en geen hoogwaardige technische kennis en ervaring.

Veel interresante onderzoeksgegevens over seksualiteit zijn eenvoudigweg niet anders te verkrijgen. Het gaat namelijk vaak om de innerlijke beleving.

Door onwil, onwetenheid en de wijze waarop vragen worden gesteld. De respondent kan werkelijke ervaring of mening liever niet bekend maken. Sociaal wenselijk gedrag, gewoon liegen of iets invullen als diegene het antwoord niet weet.

Ongewenste antwoordtendenties zijn goed detecteerbaar. Antwoorden lijken voor een deel bepaald te worden door de vorm van de vraag. Antwoordcategoriën kunnen voor ieder een andere betekenis hebben. Antwoorden kunnen ook bepaald worden door voorgaande vragen. In psychofysiologische studies gaat het om relaties tussen verschijnselen in het psychologische en het fysiologische domein. Vooral bij studies naar het effect van medicatie bij mannen met erectiestoornissen lijkt dit het geval.

Dit vraagt om grote voorzichtigheid met het generaliseren van resultaten naar de grotere populaties. Kernpunt De validiteit van wetenschappelijk onderzoek naar seksualiteit wordt negatief beïnvloed door vertekeningen die het gevolg zijn van zelf selectie en andere reactiepatronen in seksonderzoek van de onderzochte mensen. Deze vertekende invloeden zijn gerelateerd aan de cultureelmaatschappelijke en politieke betekenis van seksualiteit. Het probleem is dat wat ethisch aanvaardbaar is onder invloed van een veranderend maatschappelijk klimaat kan wijzigen.

Maar ook aan bepaalde vragen werken bepaalde mensen liever niet mee, bijv. Aangeraden wordt om van te voren expliciet toestemming te vragen of er vragen mogen worden gesteld over mogelijke negatieve ervaringen met seksualiteit en om ook nazorg te organiseren voor het geval dat nodig mocht blijken. Van het direct observeren lagen maar weinig mensen wakker. In het veranderende maatschappelijke klimaat is het zelfs in Nederland niet meer voorstelbaar dat dit soort onderzoek wordt uitgevoerd.

Denk hierbij aan validiteit, betrouwbaarheid en praktische toepasbaarheid. En wees bedacht op valkuilen als zelf selectiebias en responsbias. Veel gaan ervanuit dat angst en seksuele opwinding elkaar wederzijds uitsluiten. Angst is daarmee mogelijk een vd belangrijkste oorzaken van seksuele problemen.

Maar waarschijnlijk gaat dit alleen om seksuele angst het niet voldoen aan iets. Om de genitale reactie van vrouwen te meten wordt er een instrumentje in de vorm van een tampon gebruikt. Een lichte druk om seksueel te presteren werkt kennelijk in sommige situaties opwindingsverhogend. Deelnemers hadden meer seksuele ervaring, meer seksuele partners gehad, zowel hetero als homoseksueel, maar hadden ook een groter schuldgevoel over seks. De meestgenoemde redenen voor niet-deelname was dat men zich niet op zijn gemak zou voelen bij het laten meten vd eigen seksuele opwinding en het bekijken van erotische videos.

Biologie van de seksualiteit; endocrinologische, anatomische en fysiologische aspecten 4. Plateau wordt soms verwijderd uit het model 4. Geslachtshormonen zouden geen absolute noodzaak zijn voor het kunnen optreden van een seksuele respons pre-puberale kinderen kunnen een volledige cyclus doorlopen.

Maar, geslachtshormonen spelen wel een faciliterende rol denk aan vrouwen bij wie de eierstokken verwijderd zijn en daarna problemen krijgen met hun seksuele repsons. Conceptie geboorte en kindertijd Met name voor jongetjes zijn hormonen tijdens de prenatale ontwikkeling essentieel. Hoge correlatie tussen jongensachtig spelgedrag van meisjes 3,5 jr met testosteronconcentraties in het bloed van de moeder tijdens de zwangerschap.

Y-chromosoom bij jongetjes zorgt voor differentiatie van de gonaden tot testikels, deze maken twee hormonen aan: Aanmaak hormonen in de bijnierschors twee jaar voor begin puberteit rol bij de start van de pubertijd.

Embryonale ontwikkeling in- en uitwendige geslachtsorganen: Leydig-cellen testes productie testosteron differentiatie en groei buizen van Wolff worden later zaadleiders, bijballen en zaadblaasjes Onrijpe Sertolli-cellen in foetale testes maken AMH regressie buizen van Muller.

Bij afwezigheid testosteron buizen van Muller worden baarmoeder, eileiders en diepe deel vagina. Tot de 9e week kunnen de uitwendige genitalia differentiëren tot beide geslachten. Te vroege puberteit pubertas praecox: Verlate of vertraagde puberteit: Volwassenheid, middenleeftijd en oudere leeftijd Vrouw: Na ovulatie sterke toename progesteron en iets minder oestradiol.

Duidelijk verminderde zin in seks. Productie androgenen gaat door, maar verminderd. Substitutie met oestrogenen en lage dosis androgenen heeft positieve invloed op stemming, welbevinden en seksuele motivatie.

Causaal verband erectiele disfunctie en afname testosteron is niet overtuigend aangetoond. Deze veranderingen kunnen optreden in de slaap tijdens de REM-fase, en tijden erotische dromen, fantaseren, masturbatie of seksuele interactie met een partner. Vrouwen kunnen meerdere orgasmes achter elkaar krijgen, welke ook langer kunnen duren dan bij mannen, de status orgasmus kan seconden aanhouden.

De meeste mannen ervaren een refractaire fase, waarin een orgasme niet mogelijk is. Dit hormoon is afkomstig uit de hypothalamus. De in het bloed circulerende geslachtshormonen hebben een regulerende werking op de afgifte van GnRH. Biochemisch hebben geslachtshormonen een steroïdestructuur, ze zijn afgeleid van cholesterol. Gonadotrofinen hebben een eiwitstructuur opgebouwd uit aminozuren. Progesteron komt voornamelijk uit het corpus luteum.

Een afwijkende werking van de schildklier of bijnieren beïnvloed seksualiteit in negatieve zin. Ook ziekte als diabetes wordt gekoppeld aan seksuele disfuncties. Niveau gaat omhoog bij opwinding en orgasme. Deze vrouwen zijn klein, komen Testiculaire dysgenesie Klinefelter: Gonade ontbreekt aan een kant, of hermafrodieten kenmerken van beide geslachten.

Er wordt gesproken van een micropenis als de penislengte meer dan 2,5 SD onder het gemiddelde voor de leeftijd ligt. Ontstaat na 14e week zwanderschap Cryptorchisme: Hierbij zijn één of beide testes niet in het scrotum gelegen niet ingedaald. Dit wordt veroorzaakt door een stoornis in de ontwikkeling van de urethra, als gevolg van onvoldoende androgeenwerking.

De uitgang, de meatus, heeft een abnormale positie, aan de onderkant van de penis. De voorhuid is hier min of meer vernauwd waardoor hij niet normaal over de glans penis kan worden teruggeschoven. Het hymen maagdenvlies is een dubbele laag mucosa, gescheiden door een laag bindweefsel. Een niet geperforeerd maagdenvlies is uiterst zeldzaam. Afwezigheid van de vagina waarbij de uterus volkomen normaal kan zijn tot helemaal afwezig.

Komt door ontwikkelingsstoornis van de buizen van Muller, XY patroon. Vaak in combinatie met uterusagenesie dan syndroom van Mayer Rokitansky Kuster Hauser. Bij een volledig longitudinaal septum zijn er eigenlijk twee schedes.

Een onvolledige vaginaseptum komt ook voor. Dubbele septum is zeldzaam. Maakt coitus vrijwel onmogelijk. De fibromusculaire huidplooi waarin testis en epididymis relatief koel liggen opgeslagen. De koelte is nodig voor de kwaliteit van het zaad. De scrotumhuid is rijk aan zweetklieren. Het uiterlijk en consistentie veranderen bij seksuele opwinding, vooral door contractie van glad spierweefsel.

Testis zaadbal, teelbal, testikel: Vaak linker testis langer dan rechter, maar rechter is groter. Grootste gedeelte wordt ingenomen door de buisjes waarin de spermatozoën tot ontwikkeling komen. Hier rijpen de opgeslagen spermatozoën in ongeveer 12 dagen.

Bij emissie worden zij met geringe hoeveelheid vloeistof in de ductus deferens geperst. Tijdens emissie vinden ritmische contracties plaats van het gladde spierweefsel van de wand, waardoor spermatozoën naar de urethra worden geperst. Hierin wordt de slijmerige vloeistof geproduceerd die het grootste gedeelte van het ejaculaat vormt. Bij contractie worden ze via spuitbuisjes in de urethra geperst.

Tijdens emissiefase wordt het waterige prostaatsecreet door contractie van het gladde spierweefsel van de prostaat in de urethra geperst. Het laatste thema is seksuele ab normaliteit: Tenslotte wordt, zoals in iedere collegeweek, verder gegaan met Klinisch Redeneren. Geslachtsorganen van man en vrouw, alsook Medische Consultvoering: Spreken over seksualiteit lopen verder in deze week. Daarnaast starten de volgende twee practica: Farmacotherapie en anticonceptie en Andrologisch en Gynaecologisch onderzoek.

De arts staat heel dicht bij de patiënt de AP relatie: Ook bevat de relatie geheimhouding en er zit een element van afhankelijkheid in. Patiënten weten over het algemeen weinig over gezondheid en welzijn. Daarnaast kan de arts beslissen of een patiënt bijvoorbeeld doorverwezen wordt. De macht mag niet misbruikt worden door de arts. Dus dat er onvoldoende toegankelijke zorg zou zijn doordat ze bijvoorbeeld te duur of moeilijk bereikbaar zijn. Ook gaat grensoverschrijdend gedrag van artsen niet over onvoldoende kwaliteit van de zorg.

Medische fouten vallen dus niet onder het grensoverschrijdend gedrag. Ook gebrekkige informatie geven aan patiënten valt hier niet onder.. Intiem gedrag in het kader van een hulpverleningsrelatie dat niet professioneel is.

Meer aandacht geven aan een bepaalde patiënt is al grensoverschrijdend gedrag. Het zinloos geven van informatie over jezelf kan ook grensoverschrijdend zijn. Aan het einde van de slippery slope staat seks tussen arts en patiënt. Ook is er een meldingsplicht voor zorginstellingen naar de inspectie.

Seksueel contact en seksuele verbale intimiteiten horen niet in de arts-patiënt relatie thuis. Artsen wordt aangeraden een bewust preventief beleid te voeren en zoveel mogelijk ambiguïteit te vermijden. Dit houdt onder andere in dat artsen duidelijke instructies geven over het ontkleden en geen onnodig lichamelijk onderzoek uitvoeren. Omdat het kan verschillen hoe mensen grapjes en lichamelijk contact waarderen dient de arts hier de grootst mogelijke voorzichtigheid te betrachten.

Dit geldt niet alleen voor de patiënt, maar voor iedereen waarmee de arts een afhankelijkheidsrelatie heeft. Bij pijn op de borst is er meestal ook sprake van uitstralende pijn in het rechterarm. De reden hiervoor is dat de pijn in beide organen dezelfde route hebben richting de hersenen, waardoor ze vaak in combinatie voorkomen.

De plaats van de pijn, de cyclusdag en het gebruik van anticonceptie zijn belangrijke dingen om naar te vragen. Er kan gevraagd worden naar de laatste keer coïtus, mits hier aanleiding voor is. De begeleidende klachten als misselijkheid, braken en defecatie moeten ook uitgevraagd worden.

Als laatste kan er worden gevraagd naar mictie en vervoerspijn. Lokalisatie van de pijn kan worden aangegeven aan de hand van onderstaande afbeelding. Hierin komen vaker voor: De patiënt presenteert zich vaak zonder klachten. De EUG wordt gediagnosticeerd aan de hand van een overtijd patiënt, een positieve zwangerschapstest en de echo die bij de huisarts wordt gemaakt.

Bij de echo die wordt gemaakt na een amenorroeduur van zes weken is er niks te zien in de holte van baarmoeder, het cavum uteri is dus leeg. De patiënt presenteert zich niet met verschijnselen van shock of heftige pijn. Hij kan zich ook in het isthmus, het infundibulum, interstitieel of in de buikholte bevinden.

Alle lokalisaties zijn gedefinieerd als extra- uterien, omdat de jonge graviditeit zich buiten het endometrium bevindt. De verschillende lokalisaties van de EUG zijn te zien in onderstaande afbeelding. Interstitiële, abdominale en ovariële zwangerschappen leiden tot acute buiken met veel bloedverlies. Deze zwangerschappen brengen grote gevaren mee voor zowel moeder als kind. Een abdominale zwangerschap kan ontstaan door een verminderde eileiderfunctie, als gevolg van infectie of een structurele afwijking.

De jonge graviditeit zoekt nog steeds naar het endometrium om zich in te nestelen, wat betekent dat het zich een weg naar het endometrium baant. Hierbij kan een ruptuur van de eileider ontstaan of andere schade. Oorzaak kan zijn dat de trilhaarfunctie in de eileider niet goed functioneerd. Dit noem je een tubaire abortus Wanneer er na zes weken een hCG-spiegel van IE te zien is, wijst dit op het ontstaan of al gaande tubaire abortus.

Hierbij kan er een expectatief beleid worden toegepast. Dit kan voor schadelijke gevolgen zorgen bij de patiënt. Bij een EUG ontwikkelt ook het endometrium onder invloed van de hormonale veranderingen tot decidua. Na afbreken van de EUG spontaan of operatie wordt ook het endometrium afgestoten. Corpus luteum bloeding Het corpus luteum is een hormoonproducent, wanneer de hormoonproductie nog niet voldoende is. Barsten van het corpus luteum kan leiden tot peritoneale prikkeling.

Het vindt meestal plaats in de tweede cyclushelft en vaker rechts dan links. Voor een torsie is een gewicht nodig, bijvoorbeeld een ovariumcyste. Als dat gebeurt, komt de vascularisatie van de eierstok of ovarium in het geding. Er ontstaat dan acute pijn. Er is geen ontstekingsbeeld. Op de echo kan een cysteuze opheldering te zien zijn. Op de röntgenfoto kun je een teratoom of dermoïdcyste te zien zijn. Opstootpijn tref je meestal bij ontstekingen aan.

Als je aan de kant van de torsie duwt, geeft dit enorme pijn. De buikholte is normaalgesproken steriel, dus ontstekingen zijn altijd het gevolg van opstijgende bacteriën. Voorbeelden van bacteriën die kunnen zorgen voor cervixkolonisatie zijn Chlamydia trachomatis, Neisseria gonorroe, bacteroïdes, enterobacteriaccae en streptococcus.

PID ontstaat vaak na menstruele bloedingen. Het plaatsen van een spiraal geeft een verhoogde kans op salpingitis tot drie weken na de plaatsing. Orale anticonceptie en een Mirena verkleinen die kans bij langer gebruik. Bij heren geeft dit een druiper, bij vrouwen is dit minder opvallend.

Er wordt een fluorkweek gedaan bij verdenking op een PID. Salpingitis acute geeft uitzetting van de tuba, vernietiging van het tubaire epitheel en afsluiting van het fimbriale uiteinde. Abces is een pusophoping in een niet-bestaande ruimte.

Empyeem is pusophoping in een bestaande holte. Dit is een aanwijzing voor een doorgemaakt of actief chlamydia infect. Endometriose begint met kleine bloedingen in de buik en adhesies.

Bij een verder stadium kan er een cyste worden gevormd, die kan ruptureren. Stase van bloed krijgt een chocolade-achtige kleur, waardoor het een chocoladecyste wordt genoemd. Endometriose kan zich ook bevinden in de Bartholini klier of in een litteken van een keizersnede. De meest voorkomende plek van endometriose is bij het ligamentua sacro- uterine en in het cavum Douglasi. Achteraanzicht van de uterus tijdens demenstruatie bij een staande vrouw.

Let op de retrograde menstruatie, druppelend uit de tubae. Meest voorkomend is bij de ligamenta sacrouterine en in het cavum Douglasi. Endometriose in het septum rectovaginale, ook zichtbaar in het achterst vaginale gewelf Endometriose in de Bartholini klier Chronische buikpijn Soorten chronische buikpijn met een gynaecologische oorzaak: Neem dit dus altijd mee in het consult met een patiënt met chronische buikpijn.

Het gevolgenmodel geeft de gevolgen van chronische buikpijn weer en is weergegeven in onderstaande afbeelding. Hierbij krijgt de bekkenbodem veel te verduren. Uitlokkend momend om iets te ontwikkelen. Een keizersneden beschermd niet tegen een verzakking.

Bekkenbodem is een trechter die eindigt in de anus. Die trechter wordt gevormd door m. Levator ani en m. Het is van belang dat er een 2de niveau is en dat is de Diafragma genitale. Hier gaat een kind doorheen. En zorgt voor steun. Bulbus cavanosus Bij een knipje maakt je eigenlijk gewoon een spier kapot. Behalve de spieren die voor stevigheid zorgen. Zijn de organen losjes in de buik met wat enkele ligamenten. Dit moet ook omdat het moet kunnen uitrekken bij zwangerschap.

De organen worden voornamelijk op hun plek gehouden door de bekkenbodem en het ligament sacrouterina. De bekkenbodem spieren zorgen ervoor dat de uterus niet door kan zakken. De ligamenten zijn enkel voor ondersteuning.

Een vergelijking is met een boot die in een haven ligt. Kan bij abnormale toestand goed herkend worden welke structuren zijn ingezakt. AA is het einde van de plasbuis. Overgang naar de blaas. Bij een descensus uteri kan je zien hoeveel centimeter er verschil is met de normaal waarden. Maar dat andere punten nog op een normale plek zitten. Cystocele Verzakking van de vagina voorwand Uretrovesicale overgang is nog intact.

Alleen een verzakking van de blaas. Daarom is er ook een punt BA om dan onderscheid te maken tussen blaas en urethra. Rectocele rectum en eterocele dunne darm Belangrijk om te onderscheiden tussen rectocele en cystocele. Je moet weten waar de toegankelijkheid is naar de cervix. Enterocele Het cavum Douglasi is verzakt waarin de dunne darmen komen te liggen. Tot aan het perineum. Als een patiënt gaat persen perst ze de darmen mee.

De dunne darmen gaan voor het rectum liggen. Genderdysphorie is de zelfervaring en het gevoel van onvrede en onbehagen man of vrouw te zijn.

Er is een incongruentie tussen het biologische geslacht en de genderidentiteit. Praktijk Steeds meer mensen hebben het idee dat zij lijden aan genderdysphorie.

Het is een groeiende lijn in de hele wereld. Genderdysphorie komt zowel bij jong als oud voor. Diagnostische fase Er zijn minimaal zes gesprekken met een medisch psycholoog. Er zijn psychologische testen, interviews, heteroanamnese en er zijn meerdere besprekingen met het Genderteam. Er moet vooral naar het psychosociale gebied gekeken worden. Patiënten hebben het idee dat er iets niet klopt. Soms is er bij deze mensen sprake van pestgedrag, buitensluiten, afkeurende blikken, negatieve bejegening, afstoting door familie, straffen, gevoel van onveiligheid en het niet serieus genomen worden.

Vrouw-man transseksuele krijgen androgenen Man-vrouw transseksuele krijgen oestrogenen Er wordt pas geopereerd vanaf achttien jaar. Na succesvol doorlopen van de Real Life Fase en na goedkeuring van het genderteam. Vrij tepel transplantaat FTG Bij kleine borsten wordt er onder de borst een incisie gemaakt en het borstklierweefsel wordt in het geheel verwijderd.

Bij grotere borsten wordt er gebruik gemaakt van een zogenaamde donut-techniek. Er worden dan twee circulaire sneden gemaakt rondom het tepelhof.

Bij grote, hangende borsten moet er een dubbele incisie procedure plaatsvinden. De borst wordt in zijn geheel verwijderd. Metaidoioplastiek Derived from Greek: Metaidoioplastiek resulteert in een geslacht wat op het mannelijk genitaal lijkt. Het oorspronkelijke vrouwelijke genitaal wordt beschouwd als een extreme vorm van hypospadie. Deze techniek kan ook zonder of met plasbuis gedaan worden. De plasbuis komt tussen de balzak en het scrotum als er geen plasbuis gemaakt wordt.

Vaak resulteert een metaidoioplastiek in een vrij kleine penis waardoor staand plassen lastig is. Complicaties zijn necrose, wond dehiscentie wond gaat open en nabloeding. Voordelen zijn dat het erg lijkt op een penis, er is volledig behoud van eigen erotisch gevoel, minder zware ingreep en minder complicaties. Phalloplastiek Bij phalloplastiek wordt er een grotere penis gemaakt. De huid moet dun zijn en kan komen van het bovenbeen of onderarm. Vrije RFF Met plasbuis wordt er huid gebruikt voor de arm plasbuis en bovenbeen.

Er kunnen meer complicaties optreden met plasbuis, doordat hier problemen kunnen ontstaan door: Zonder plasbuis is de kans op complicaties slecht vijf procent. Er is opnieuw een seksuologische indicatie nodig. Een borstvergroting gebeurt via een siliconenprothese snede onder de borst , dit wordt niet vergoed. Vaginaplastiek Preoperatief moet de bekkenbodemfysiotherapeut bezocht worden voor awareness , ontspanning en preventieproblemen.

Genitaal mag er zijn. Preventie problemen ontlasting, mictie en dilateren Penisinversie De huid van de penis wordt gebruikt voor de binnenbekleding van de vagina. Er wordt een litteken gemaakt in het perineum, vetweefsel en spieren worden weggehaald en een vaginale-holte wordt gecreëerd. De penishuid wordt losgemaakt, teelballen verwijderd en de penis ontleedt.

De schaamlippen worden gemaakt van de voorhuid. De plasbuis wordt ook enorm ingekort. Darm-vaginaplastiek De vagina wordt dieper gemaakt met behulp van een stuk van de darm. Nazorg Nazorg omvat dilateren en spoelen. Dilateren moet zowel voor diameter en diepte. Dilateren kan ook met een vaginale trainingsballon, de diameter wordt vooral vergroot.

Man-naar-vrouw behandeling start met dilateren de vijfde dag na de operatie. Deze remmen de puberteit af. Dit is geen definitieve behandeling, want wanneer de behandeling gestaakt wordt zet de puberteit alsnog in. Daarna volgt een cross-sexbehandeling. Door deze behandeling wordt de puberteit naar het gewenste geslacht ingezet.

College 5 SOA verwekkers Bacteriën. Bacteriële vaginose Candida-vaginitis Schuft Dysbacteriose: Seksueel overdraagbare aandoeningen maken een belangrijk deel uit van de infectieziekten. HIV, hepatitis B en syfilis komen wereldwijd gezien nog erg veel voor. Er is onderscheid gemaakt tussen heteroseksuele mannen en vrouwen en mannen die seks hebben met mannen. Er is te zien dat het aantal consulten gestaag toeneemt. Er is te zien dat vrouwen veel consulten aanvragen, maar minder vaak een positieve diagnose krijgen.

In bovenstaande afbeelding staat het percentage positieven voor de leeftijdsgroepen weergegeven. In de groep vijftien tot negentien zijn alle balkjes evenveel positief. Bij het ouder worden blijft het percentage onder de positieven onder de mannen die seks hebben met mannen hoog. Hierdoor is de bacterie moeilijk te kweken, daarom wordt PCR gedaan.

Bij voorkeur zit de bacterie in epitheelcellen van de urethra en de cervix. Er zijn verschillen serotypes, A tot en met L. Dit is een tropenziekte die voor blindheid zorgt. Het L serotype geeft een agressievere vorm soa, genaamd lymfogranuloma venereum LGV.

Dit wordt gekenmerkt door pijnlijke opgezwollen lymfeklieren in de lies. Er zijn maar een paar laboratoria in Nederland die deze vorm van chlamydia kunnen opsporen. Chlamydia trachomatis geeft een intracellulaire infectie. Vermenigvuldiging in de cellen gebeurt met het reticulate body. Het elementary body kan buiten de cel overleven en een volgende cel infecteren. Het is een gramnegatieve diplokok en leeft intracellulair.

In is de bacterie voor het eerst aangetoond. Er was een afname van het voor komen tot midden jaren tachtig, maar sindsdien is er weer een toename. De gonokok invadeert het epitheel van slijmvliezen, bij voorkeur van de urethra of cervix. De bacterie leeft intracellulair en de verspreiding is meestal direct of soms via de bloedbaan.

Er kan een gonokokken artritis ontstaan, maar de bacterie gaat niet naar de meningen zoals de andere neisseria. Tevens kunnen er abcessen ontstaan. De immuunrespons reageert op de gonokok en hierdoor ontstaan exsudaat en pusvorming. Bij een man uit zich dit in een druiper. Deze bacterie geeft geen pneumonie. Besmettingswijze en epidemiologie Kans op overdracht is iets groter bij man naar vrouw. De toename van het voorkomen is te wijten aan de toename van mannen die seks hebben met mannen.

Inmiddels is er ook toegenomen resistentie tegen meest gebruikte antibiotica. Condylomata acuminata HPV Verwarring met condylomata lata! Het wordt veroorzaakt door de gramnegatieve bacterie Treponema pallidum. De bacterie dringt binnen via de huid of via de slijmvliezen, migreert naar de lymfeklieren en veroorzaakt zo lokale ontstekingsreacties genaamd gummata.

Lues migreert door het hele lichaam, dus overal kunnen ontstekingsreacties ontstaan. Lues 1 Primaire syfilis is een primaire laesie. Er is in dat geval een hard ulcus durum. Als dit op een plek zit waar het niet zichtbaar is dan wordt het vaak niet opgemerkt. De ulcus geneest vanzelf. Tachtig procent van de patiënten heeft in dit stadium ook opgezwollen lymfeklieren. Een klein deel treponema overblijfsel van de bacterie overleeft in het lichaam.

Dit kan leiden tot maculopapuleus niet jeukend exantheem op romp en handpalmen en voetzolen. Ook kunnen slijmvlieslaesies ontstaan.

Soms ontstaat condylomata lata. Dit zijn parelgrijze, vochtige, verheven hyperkeratotische laesies. De wratten zijn anders dan de wratten die ontstaan door HPV. Ragaden zijn kloven die soms voorkomen in de mondhoeken. Moth-eaten houdt in dat er plukken haar weg zijn. Dit is typisch voor syfilis. Vaak zijn er ook wat algemene klachten zoals algemene malaise en koorts. Hiervan wordt gesproken wanneer er een tweede stadium geweest is waaraan niets is gedaan.

Het is een klachtenvrije periode tussen secundair en tertiair. Er kan dan een hele lange latente en klachtenvrije fase zijn voordat de derde fase ontstaat. Deze fase kan dertig jaar duren. Lues 3 tertiaire syfilis orgaansyfilis na jaar gummata: Syfillis komt over de hele wereld voor.

Met name in afrika en oost-azie. Het neemt toe WHO schat wereldwijt 12 miljoen per jaar. Behandeling is peniciline in NL meer dan per jaar. Er zijn verschillende soorten HSV. HSV-1 is bijvoorbeeld de veroorzaker van een koortslip. HSV- 2 is de veroorzaker van genitale herpes, omdat het in de genitaliën genesteld zit. HSV is een latent virus. Dit houdt in dat het na besmetting levenslang aanwezig blijft in het lichaam.

Het virus dringt binnen via slijmvliezen. Daarnaast kunnen de blaasjes ook voorkomen op de anus. Dit kan zorgen voor anorectale pijn, obstipatie en ulceraties. Behandeling Aciclovyr crème is een anti herpes virus middel, dat kan worden gebruikt bij zowel koortslippen als genitale herpes.

Omdat het virus steeds terugkeert is er echter wel kans op resistentie tegen dit middel. Het virus kan nog steeds besmettelijk zijn als het asymptomatisch is, omdat er een regelmatige virusuitscheiding plaatsvindt.

Retrovirus, ssRNA, polymerase gen codeert voor reverse transcriptase Hiv infecteert voornamelijk cellen die CD4 celoppervlakte antigeen dragen.

De veroorzaker van trichomoniasis is de eencellige parasiet trichomonas vaginalis. Deze parasiet eet bacteriën die zich met name in het urogenitale gebied bevinden. Ziekteverschijnselen Bij vrouwen treden er geen complicaties op na besmetting. Bij mannen ontstaan er stricturen vernauwingen van de urethra.

Daarnaast geeft het schuimende fluor. Indien een persoon besmet is, moet de partner altijd mee worden behandeld. Het kan een soa zijn, maar het kan ook anders worden overgedragen. Voor besmetting met dit virus geldt een meldplicht. Het is mogelijk om gevaccineerd te worden tegen dit virus.

Schaamluis Schaamluis wordt veroorzaakt door een parasiet genaamd pediculosis pubis. Deze parasiet heeft haar nodig om eitjes in de leggen. Zonder haar kan het dus niet overleven. In de volksmond wordt schaamluis ook wel platjes genoemd. De voorkeurslocaties zijn tussen de vingers aan de dorsale zijde van de hand, de buigzijde van de pols en de laterale voet.

Het gaat hierbij om een drietal belangrijke symptomen: Als men kijkt naar de fluor, is het belangrijk om naar de consistentie en naar de geur te kijken.

Het normale vaginale bioom De normale vaginale flora is een mengflora van grampositieve en gramnegatieve bacteriën van de huid, darmen en het urogenitale stelsel. De Lactobacilli , grampositieve staven, zijn verreweg de belangrijkste bacteriën in de vagina. De normale pH hoort onder de 4,5 te blijven, de Lactobacilli produceren melkzuur om dit te bewerkstelligen. De Lactobacilli produceren verder ook waterstofperoxide en bepaalde eiwit dodende stoffen bacteriocinus om indringers te vernietigen.

Fluor vaginalis Vragen naar: Patiënten worden behandeld door de vagina aan te zuren of metronidazol toe te dienen. Amsel criteria Om de diagnose bacteriële vaginose te kunnen stellen, kan de huisarts gebruik maken van de Amsel criteria. Bij drie symptomen of meer, spreekt men van een bacteriële vaginose: Het is goed om te realiseren dat Candida een gist is en geen schimmel, wat vaak wordt gedacht.

Meestal presenteren patiënten zich met witte , niet-riekende , brokkelige fluor. Diagnostiek syphilis Syfilis kan op twee manieren worden opgespoord.

Daarnaast kan het door middel van zilverkleuring en directe immunofluorescentie in beeld worden gebracht. Serologie Er zijn twee typen tests ontwikkeld: De specifieke methode wordt gebruikt om aan te tonen dat een patiënt ooit in aanraking is geweest met Treponema. Het is dus eigenlijk een screeningstest.

Als de test positief is, wijst het op een actieve infectie. Fout-negatieve uitslagen komen minder vaak voor en oorzaken hiervan zijn antibioticagebruik of een HIV-infectie. Helaas zijn er ook fout-positieve uitslagen mogelijk door zwangerschap, auto- immuunziekten en carcinomen.

Anogenitale wratten Het humane papillomavirus type zes en elf zijn verantwoordelijk voor het ontstaan van genitale wratten, genaamd condylomata accimunata. Lues stadium twee kan hier ook een oorzaak van zijn. Door middel van Lues serologie wordt er gekeken of het om Lues gaat of niet. De arts kan eventueel gebruik maken van PCR van blaasjesvocht. Diagnostiek trichomoniasis Je kijkt een vrouw in speculo en je ziet schuimend fluor Kenmerkend hiervoor is de schuimende fluor.

Er kan fluor worden afgenomen en worden bekeken in een preparaat. Hier zijn grote leukocyten te zien en protozoa met veel flagellen van trichomonas. Het kan tevens in de urine zitten. De behandeling wordt gedaan met een anti protozoa middel, genaamd metronizadol. Er is warmte van de borst, nek of gelaat. Er kunnen ook transpiratie-aanvallen zijn, deze treden meestal op in de voornacht.

Precieze oorzaak is onverklaard maar het komt wel vaak voor. Mensen komen vaak bij de huisarts omdat zij hormonen willen hebben tegen de klachten. Deze helpen niet tegen de niet-typische klachten, maar ook bij de typische klachten worden hormonen lang niet altijd gegeven. Verandering van het menstruatiepatroon is al besproken, het wordt namelijk anovulatoir , er is eerst langer en meer bloedverlies, daarna nemen de klachten af met uiteindelijk het stoppen van het menstruatiepatroon.

Bij vrouwen die vervroegd in de overgang zijn wisselt het. Voorlichting en steunend contact moet gegeven worden door de huisarts of overgangsconsulente. Er moet gekeken worden naar de leefstijl van de patiënt, dit is er vooral op gericht om de klachten van het ouder worden, zoals een grotere kans op hart- en vaatziekten, tegen te gaan en gaat niet zozeer om de overgangsklachten zelf.

Dit kan door middel van: Eventueel een vaste combinatie bedoelt om geen onttrekkingsbloedingen te hebben. Tien tot twintig procent heeft dan toch onregelmatig bloedverlies. Dit alles heeft geen effect op de atypische klachten van de overgang. Darmkanker en de fracturen namen af.

Later is er nog een studie gedaan, waarbij het risico op mammacarcinomen bleek te verdubbelen. Het verhoogde risico is nog aanwezig tot een jaar na het stoppen.

Oestrogenen alleen na uterusextirpatie echter geen bezwaar de eerste jaren na de menopauze Bij vrouwen vlak na de menopauze met ernstige vasomotore klachten is gedurende mnd combinatie oestrogenen-progestagenen voldoende veilig Men is wel terughoudend gebleven in het geven van oestrogenen.

Oestrogenen worden alleen na uterusextirpatie gegeven, echter is er geen bezwaar de eerste jaren na de menopauze om het te geven. Bij vrouwen vlak na de menopauze met ernstige vasomotore klachten kan het tot drie jaar gegeven worden, in de vorm van een combinatie van oestrogenen en progestagenen.

Er wordt stilgestaan bij congenitale afwijkingen en het seksuele dis functioneren van mannen. Met bijzondere aandacht voor fysiologische en hormonale aspecten van de seksuele respons van mannen. Klinisch is er aandacht voor seksuele disfuncties bij mannen en de ziekte van Peyronie.

Ook het klinisch redeneren wordt verder uitgewerkt in deze week. In deze week wordt ook gestart met het practicum Medische Consultvoering: College 1 Seksuele diversiteit: Seksueel geweld is interpersoonlijk grensoverschrijdend gedrag. Het zegt dus niets over de determinanten van gedrag. Bij parafilie gaat het om ongewone seksuele attracties. Bij hyperseksualiteit is er sprake van een ontregeling van de normale seksualiteit. Kort door de bocht: Geen controle meer ondanks negatieve consequenties.

Aversief ervaren Nederlandse strafwet: Een cruciale vraag is of er in al de variaties een gemeenschappelijk onderliggend patroon is. Personen seks met dieren: Zwakbegaafd en landelijke omgeving: NEEN goed psychosociaal functioneren geen substituut voor mensen 3.

Relatie tot strafrecht Wetboek van strafrecht art. Bij parafilie gaat om de inhoud van de seksuele attractie. Alle seksuele aantrekking gaat bijvoorbeeld naar een stoel. Deze attractie is er en de persoon heeft er geen last van, bovendien heeft niemand anders er last van. Er is in dat geval sprake van de parafilie, maar er is geen parafiele stoornis. Formeel gesproken is pedofilie geen stoornis voor DSM Het wordt een stoornis als iemand er zelf of iemand anders er last van heeft.

Mogelijk minder zeldzaam dan gedacht internet bijvoorbeeld. Er is een minderheidsstandpunt waarbij er wordt gezegd dat variaties geaccepteerd moeten worden. Deze twee visies staan op gespannen voet. In werd homoseksualiteit gedefinieerd als persoonlijkheidsstoornis. Dat zou betekenen dat je het moet leren accepteren en dat je weerbaar gemaakt moet worden tegen de discriminatie van de samenleving. De meerderheid zegt daarentegen dat het een stoornis is, die genezen en voorkomen zou moeten worden.

Als dit niet mogelijk is, dan moet het in ieder geval zo goed mogelijk gecontroleerd worden Hoe ziet de hulpverlening eruit 2 wegen Minderheid zegt: Vervolgens weerbaar maken tegen discriminatie; subculterele participatie Meerderheid zegt: Het linker blok is psychotherapie en in het midden is een blok met farmacotherapie.

Aan de rechterkant staan de sociale aspecten. SSRI Antiandrogenen Deze twee middelen worden standaard gebruikt om parafiele stoornissen te behandelen. Bij de antiandrogenen wordt er niets opgelost, maar de intensiteit van het seksuele verlangen wordt weggehaald vroeger werd er gecastreerd bij parafilien. Dat wordt nu niet meer gedaan. Neurochirurgie werd in duitsland gedaan maar heft ernstige gevolgen voor het kwaliteit van leven. Hormonale interventies onderdrukt de seksuele verlangens.

Hormonale interventies samen met cognitieve gedragstherapie vormen de huidige behandeling van parafilie. Anti depressiva zorgt ervoor dat dat neurotransmitters in de hersenen veranderen. Meesten medici gebruiken een beslis boom, dit is om te genezen om te controleren ls de eerste stap onvoldoende werkt, dan ga je door naar de volgende.

Deze middelen worden vooral gebruikt bij volwassenen, bij adolescenten worden ze niet gegeven, omdat de effecten op de ontwikkeling te groot zijn. Bij het ene onderzoek zeggen ze dat pedofilie spontaan genezen. De andere groep zegt van niet. Etiologie Genetische factoren en hormonen: Ontwikkelingsverstoring van de hersenen.

Cerebrale verstoring van neurotransmitters: Wordt beinvloed door 4 componenten die worden beinvloed door neurotransmitters.?? Zijn er verschillen te zien in het brein? Vluchten, vechten, voedsel en seksen. De grijze stof verwerkt informatie de witte stof verbind informatie. Witte of grijze stof: Mensen hebben meerdere sociale behoeftes 2.

Bij typische mannen werken vele grijze stof netwerken samen om sociale stimuli te identificeren en een soort-specifieke respons te starten: Bij personen met pedofilie is de witte stof onderontwikkeld en verbindt ze de verkeerde stimulus met de verkeerde respons. Het probleem is niet de smaak, maar de omgang van de smaak. Casus — deel 1 Studente 23 jaar, pijn bij het vrijen. Vaste relatie sinds 3 maanden , daarvoor enkele wisselende contacten.

De penetratie is vooral gevoeliger en pijnlijker naarmate het langer duurt. Na coitus heeft ze soms ook een druppeltje bloedverlies. Verder heeft de studente een iets toegenomen afscheiding fluor. Het is belangrijk om uit te vragen of de fluor een sterke geur heeft, wanneer deze geelgroen schuimend is een onaangename geur heeft moet je denken aan een vaginitis of een Trichomoniasis. Wanneer test je wat? Patiënten behorend tot een risicogroep: Patiënt niet behorend tot een risicogroep: PCR keel op gonorroe.

Partnerwaarschuwing Bij symptomatische Chlamydia trachomatis of gonorroe bij mannen: Bij asymptomatische Chlamydia trachomatis of gonorroe en bij vrouwen, of als de infectie al langer bestaat: Als je opnieuw test, dan pas na weken betrouwbaar om opnieuw te testen. Het kan raadzaam zijn om na een jaar opnieuw te testen, want veel patiënten hebben een jaar later opnieuw een chlamydia infectie. Wél controle bij zwangere vrouwen!

Chlamydia kan ook in je oog zitten en een conjunctivitis veroorzaken. College 3 Man en seksualiteit 1: Corpus cavanosum en corpus spongiosum Hoe dichterbij je bij de eikel komt hoe dichterbij de zwellichamen bij elkaar komen ls de man in een seksuele respons cyclus komt moeten de zaadcellen via de zaadleiders door het lieskanaal achter de blaas langs waarna ze in de ampulla terecht komen en vervolgens in de prostaatklier.

De ampulla is de verwijding van de ductus deferens. De zaadblaasjes zijn echter ook op deze ampulla aangesloten. Het zaad moet tijdens de transport richtin de plek waar het kan ejacueren. Prostaat moet ook samentrekken anders kan het richting de blaas schieten. De seksuele responscyclus is opgebouwd uit een vijftal fasen.

Hierbij kan er seksuele opwinding in gang worden gezet onder invloed van interne of externe stimuli. Een voorbeeld van interne stimuli zijn fantasieën. De tweede fase is de opwindingsfase. Allereerst zal er bij de man transport van zaad vanuit de bijbal naar centraal plaatsvinden, de zwellichamen zullen vergroten zwelling door een verhoogde doorbloeding van het genitaal, waardoor de penis erect wordt.

Bij de vagina wordt de lubricatie en betere doorbloeding van de vagina in stand gebracht. De plateaufase is voor iedereen verschillend en kan zowel lang als kort duren.

In de plateaufase kunnen allerlei stoornissen optreden. Bij de man heb je een probleem als je voortijdige zaadlozing hebt ejaculatio preacox. Hierna vindt het orgasme plaats waarbij er reflex optreedt en de bekkenbodemspieren ritmisch gaan contraheren zodat het zaad naar buiten kan worden gebracht.

Na het orgasme vindt de herstelfase plaats. De penis wordt weer in zijn normale formaat terug gebracht en ook de zwellichamen bij de vrouw zullen van volume afnemen. In deze fase kan de persoon niet opnieuw in een seksuele responscyclus terechtkomen. De duur van deze fase verschilt per leeftijd. Bij oudere mensen duurt deze fase meestal langer.

Vrouwen kunnen in tegenstelling tot mannen sneller achter elkaar een orgasme produceren, hun herstelfase is van kortere duur Naast dat er een erectie moet plaatsvinden in de seksuele respons cyclus moet ook het zaad getransporteerd worden emissie waarna het geëjaculeerd kan worden.

In de prostaatloge in de fase van opwinding komt er langzaam vloeistof uit het zaadheuveltje die zich in de prostaat bevindt. Hier komen ook de zaadleiders en de vloeistof uit de zaadblaasjes in uit waarna langzaam een ejaculaat ontstaan. Het ejaculaat zit in of onder het prostaatloge.

Op het moment van klaarkomen gaan de bekkenbodemspieren ritmisch contraheren. De prostaat moet ook samenknijpen, als deze niet zou samenknijpen zou het zaad in de blaas schieten. Er zijn bepaalde aandoeningen waarbij dit mechanisme van het sluiten van de prostaat niet goed werkt waardoor mannen geen kinderen kunnen krijgen op een natuurlijke manier.

Dit komt doordat het zaad de verkeerde kant opschiet en zo niet de vagina in kan komen om de eicel te bevruchten.

Testosteron is belangrijk om in de seksuele cyclus te komen. Zonder testosteron werkt de hypothalamus minder goed. Na dat er info naar de hersenen is gegaan moet er actie genomen worden. Dit gebeurd via neurotransmitters zoals Dopamine. Dopamine activeert het seksuele systeem. Serotonine remt het systeem. Je brein speelt ook een belangrijke rol over wat er in het genitaal gebeurd. De seksuele respons door middel van externe receptoren wordt door middel van twee belangrijke aanvoerroutes in beweging gebracht.

Allereerst onderscheid men het systeem van de thalamus. Concrete prikkels van buiten, belangrijke omgevingsinformatie, maar ook beelden, geluiden audiovisueel , aanrakingen tactiel en geur komen via de thalamus in het brein terecht.

Op deze concrete informatie moet snel actie volgen. De thalamus reageert hier somatisch op door signalen van concrete mechanische taken dorsaal naar het brein door te sturen.

Deze signalen zorgen voor activatie, remming, vasodilatatie en de ejaculatie reflex. De tweede aanvoerroute loopt via de hypothalamus, hierin spelen allerlei andere factoren die met het emotionele brein te maken hebben een rol.

Dit systeem speelt meer in abstractere omgevingsinformatie zoals gelaatsuitdrukking, gebaren en hoe je beweegt. Deze signalen zorgen vervolgens voor de libido en opwinding. Dopamine en oxytocine zijn neurotransmitters die in je brein zitten en dit systeem stimuleren. De toename van oxytocinerge en dopaminerge activiteit gebeurt in de paraventriculaire nuclei in de hypothalamus waardoor een erectie kan ontstaan.

Er zijn ook stofjes die zorgen dat deze output juist wordt afgeremd zoals serotonine. Deze serotonine zit in heel veel psychofarmaca.

Reductie van de remmende werking van serotonergische activiteit gebeurt in de nucleus paragigantocellularis in de medulla. Door serotonine te reduceren zal de seksuele respons toenemen en kan een erectie ontstaan Er moeten zenuwen zijn die de informatie naar de genitaal geven.

Het autonome zenuwstelsel kan weer worden onderverdeeld in de parasympathicus en de sympathicus. Chirurgen doen veel operaties in dit gebied zoals bij een blaastumor, een rectumtumor of een prostaattumor. Deze plexus kan dus sneuvelen als je hier gaat opereren, als gevolg kunnen mannen seksueel gaan disfunctioneren.

De parasympathicus is een regeneratief zenuwstelsel en zorgt voor het tot stand ontstaan van een erectie. Voor het krijgen van een erectie is het namelijk van belang dat de bloedvaten dilateren.

De zenuwvezels treden uit op het niveau van de hersenstam en op sacraal niveau. De sympathicus zorgt ervoor dat een individu snelle reacties kan genereren. Het is vooral van belang bij de emissie. De zenuwvezels zijn centraal gelokaliseerd, ze ontspringen bij het thoracale en lumbale gedeelte van de wervelkolom. Het somatische zenuwstelsel zorgt voor het aanspannen van de bekkenbodemspieren, de nervus pudendus speelt hier een belangrijke rol in.

Doordat de bekkenbodemspieren aanspannen kan de ejaculatie plaatsvinden Een erectie is niets meer dan vasodilatatie Bij de mens krijg je verhoogde doorbloeding van de genitalia. Het zwellichaam bestaat uit allerlei sinussen holtes , hieromheen bevindt zich glad spierweefsel. In het midden van het zwellichaam zit een slagader die takjes afgeeft aan deze holtes. Bij seksuele opwinding gaat de arterie openstaan. De kleine vaten in de penis gaan open staan en vullen zich met slagaderlijk bloed. Door de druk die hier ontstaat worden de venen dicht gedrukt.

Nu is er een erectie De parasympaticus geeft NO waardoor er vasodilatatie ontstaat. De sympathicus geeft noradrenaline waardoor de boel weer contraheert. Om de erectie lang vol te houden moet er nog iets plaatsvinden. Het bloed stroomt door de gehele penis met een hoge druk.

Het endotheel wordt hierdoor geprikkeld. En hierdoor wordt er extra NO uitgescheiden. De sympaticus zorgt vervolgens na het orgasme met behulp van adrenaline dat de bloedvaten contraheren en de penis weer slap wordt. De hypothalamus heeft testosteron nodig om de informatie goed te verwerken, wanneer je minder testosteron hebt zal de hypothalamus daardoor minder goed kunnen werken.

Hulpmiddelen om zon gesprek op gang te brengen. Risicofactoren voor het ontwikkelen van seksuele disfuncties kunnen worden onderverdeeld in medische, seksuologische en psychische factoren. Meten van de genitale respons Parameters die gescant worden zijn rigiditeit en tumescentie. Rigiditeit staat voor de stijfheid van de penis, tumescentie staat voor de zwelling van de penis.

Dit kan met behulp van de volgende middelen: Met een rigiscan kan je de mannelijke nachtelijke erecties meten. Meting genitale respons tijdens visueel erotische stimulatie VES. Onderscheid tussen psychologisch en biologisch. Penile dulpex ultrasonography Hiermee kan je de doorbloeding in de penis meten.

Als je de erectie stimuleert krijg je een aardig beeld van hoe de bloedvaten functioneren Peniele thermografie Met een thermografie camera kan je hele subtiele temperatuur verschillen zien. Doordat er meer bloedstroom is gaat de temperatuur omhoog. De temperatuur stijging is een bewijs dat zenuwen nog functioneren. College 4 Man en seksualiteit 2: Echter is NO een vluchtige stof, waardoor hij gemakkelijk door celmembranen heen gaat.

Dit zorgt na een cascade van reacties voor spierverslapping, waardoor de vaten open gaan staan. In de vaatwand zit een enzym, fosfodiësteraseremmer, dat het actieve cGMP afbreekt. PDE-5 remmers zorgen dat het enzym niet meer werkt.

Type 5 zit voornamelijk in de penis. In de kransslag ader zitten andere type PDE. Je moet wel al in de seksuele respons cyclus zit. Er kan geen priaprisme ontstaan bij viagra. Je hebt ook zelf injectie therapie. Voor de coitus moet je jezelf injecteren met een vaatverwijdende stof. Kan wel priaprisme veroorzaken! Vergeet de partner niet!

Een erectie alleen is niet genoeg. Biopsychosociale obstakels in liefde bedrijven. Het is belangrijk om de partner mee te nemen in de behandeling. Wordt gevuld met fysiologisch zout. Het nadeel is dat de penis in een continue erectiestand staat. De prothesen kunnen wel een beetje omgebogen worden. Emissie en ejaculatie problemen Zaadtransport moet opgang komen Sympathische activiteit Verzamelen van zaad bij de prostaat lodge Ejaculeren tijdens orgasme.

Tijdens bekkenbodemcontractie Anejaculatie Wat vraag je om onderscheid te maken tussen een orgasme stoornis en ejaculatie stoornis: Voel je bekken contracties? Zie je slijm in de urine? Mannen die te snel klaarkomen, veel voorkomend probleem.

Dit kan veel spanning geven binnen de relatie. Dit is een biologisch fenomeen deze mannen hebben een hele lage reflex drempel. Je moet mannen behandelen die daadwerkelijk het probleem hebben van EP. Drempel ligt lager voor het heropnemen van serotonine. Serotonine speelt een rol in de afstelling van de drempel Dit kan je medicamenteus behandelen Serotonine reuptake inhibitor Medicamenteus Dwarslaesie als de verbinding tussen hersenen en genitaal verbroken is kan je vaak geen erectie krijgen en klaarkomen.

Dit kan vaak alsnog via trillingen of via een elektrische probe. In het capsel van het zwellichaam treedt er fibrose op. Vaak bij oudere mannen Bindweefselvorming door bloedinkjes in de penis. Congenitale kromstand Vaak bij jongere mannen. Durven niet te beginnen met seks door onzekerheid Congenitale kromstand van de penis is aangeboren en komt daarom vooral bij jonge mensen voor.

De penis hangt vooral naar beneden. De bovenkant van de penis heeft een dunner kapsel. Als de penis stijf wordt, wordt de druk vooral naar boven toe geleid, waardoor er een kromming naar onderen ontstaat. Het is de vraag of dit een belemmering vormt tijdens de seks. Vaak leidt het gevoel van schaamte ertoe dat mannen zich laten opereren. De penis kan door operatie weer worden rechtgezet door hechtingen te plaatsen in de buitenbocht van de penis.

Polycysteuze nierziekten Recessieve vorm, infantile polycystic kidney disease 1; — geboorten 2 maal zoveel jongens Leverfibrose Neonale vorm: Fussie van de urogenitale wallen.

.. Complicaties zijn necrose, wond dehiscentie wond gaat open en nabloeding. Je kunt wel stellen dat er een samenhang is tussen twee variabelen, maar niet in welke richting dit verband is. Seksueel contact en seksuele verbale intimiteiten horen niet in de arts-patiënt relatie thuis. Zijn de organen losjes in de buik met wat enkele ligamenten. Bij acute scrotale pijn dient dus altijd een torsio testis te worden uitgesloten spoedecho! Ma kon nooit zo goed tellen. hoofdstuk seksuologie: een inleidend overzicht inleiding xx: vrouw xy: man achtergronden, inhoud en doelen van dit boek achtergronden in het algemeen kan. Info over drugs voor prostituees: type drugs effect drugs downers Op seksueel gebied heb je minder remmingen, je krijgt een slapper gevoel in je. 28 april Johan Derksen: “Ja, om z'n lul zeker.” . zijn vele, vele mislukte relaties en andere vieze avontuurtjes privé te houden. Wat een slappe hap.

Prive prostitutie neuken met een slappe lul

Neuken in groningen hetemeiden nl

Lekkere natte kutten slagroom kut